
Interview
NVGN magazine
van winter 2005
Hoe ontdekte u over genezende gave te beschikken?
“Als kind was ik veel ziek. Vooral verjaardagen,
spanningen thuis of een drukke omgeving werkte
ziekmakend. Toen ik wat ouder was, een jaar of 10,
ontdekte ik dat ik ziektes overnam van andere mensen.
Een tante had geen hoofdpijn meer, mijn moeders
menstruatie klachten verdwenen. Het enige probleem was
dat ik er dan last van had. Ik wist niet wat er mis was
met me, want in mijn omgeving was er niemand met die
afwijking. Ik was dus gewoon veel ziek.
Doordat mijn zoon veel gezondheidsproblemen had en
hyperactief was, kwam ik via de huisarts in 1995 in
contact met een magnetiseur. Ik had daar nog nooit van
gehoord. Er ging een wereld voor me open. Ik herkende
veel van wat de magnetiseur met mijn zoon deed in
ervaringen die ik als kind had gehad. Ik voelde
toen ook, alleen dan aan bomen en dieren. Als ik een
boom voelde kon ik van alles vertellen over de
geschiedenis van de boom. Mijn ervaringen deelde ik
alleen niet, omdat niemand het begreep en ik dus dacht
dat ik niet normaal was.
Bij de magnetiseur voelde ik alles wat ze met mijn kind
deed, ook al was ik in een andere ruimte.
Ik kon ook de behandeling beïnvloeden.
Ik was me dat helemaal niet bewust. De magnetiseur
raadde mij aan om aan
alles te gaan voelen en zo mijn
gevoeligheid weer te ontwikkelen.
Dat heb ik gedaan.
Tegelijkertijd ben ik de opleiding voor sportmasseur
gaan doen.
Ik wilde een paramedische basis voor mijn
praktijk.
Ik begon in mijn Praktijkkamer te werken en
ontdekte dat er veel meer gebeurde dan alleen een
massage. Vaak kon ik ook al door de telefoon voelen, als
cliënten zich aanmeldden, wat er nog meer aan de hand
was.
En ook allerlei beelden kwamen voor mijn geestesoog
die betrekking hadden op het probleem. Via de
magnetiseur ben ik bij de Esterstichting gekomen voor de
opleiding, die ik in 2004 voltooide. Alle stukjes vallen
nu op z’n plaats.
Wat ik als kind al voelde maar niet
kon plaatsen, is nu mijn manier van werken geworden.”
Wat is het mooie aan het vak?
“Het is heel bijzonder om te voelen dat het eigenlijk
gewoon gebeurt. De energie vloeit door me heen. Ik voel
me geleid en begeleid en dat zou ik in geen enkel ander
vak kúnnen voelen. De samenwerking die leidt tot een
samenvloeien met energie van de cliënt, waardoor je veel
voelt van de problematiek van de cliënt, is zo specifiek
voor dit beroep. Als magnetiseur ben je enorm verbonden
met de cliënten en dat sociale aspect spreekt me erg
aan. Je loopt als het ware een poosje mee en dan ga je
elk weer je eigen weg. Heerlijk.”
Hoe ziet een gemiddelde werkdag eruit?
“Ik kan daar moeilijk op antwoorden, er zijn geen twee
dagen gelijk. Ik heb geen vaste werktijden. Ik laat het
op mijn pad komen. Ik kan slecht tegen stress en
werkdruk, dus ik neem ruim de tijd. Ik plan per cliënt
een uur. Heb ik tijd over dan doe ik administratie of
gewoon de was. Heb ik ’s avonds een groep, bijvoorbeeld
meditatie- of ontwikkelingsgroep, dan hou ik een ander
dagdeel vrij. Ook voor mijn kinderen en partner wil ik
tijd inruimen en dingen met ze kunnen doen. Het begin
van elke dag is wel hetzelfde, dan doe ik de Zonnegroet
en mediteer ik.”
Bijzondere praktijkervaringen of wonderlijke
gebeurtenissen, kunt u ons daarin laten delen?
“Ik werk graag met kinderen. Zo kwam er een paar jaar
geleden een jongen van 4 jaar mijn Praktijk in. Hij
sliep niet meer, zei zijn moeder. Toen zijn moeder even
naar de wc ging vertelde hij me dat hij ’s nachts werkte
en naar school ging. Hij had het veel te druk om te
kunnen slapen. Gelukkig kon ik hem vertellen over mijn
ervaring, hoe ik met de Geestelijke wereld werk. Hij was
vooral blij dat er eindelijk iemand was die hem begreep.
Ik heb hem kennis laten maken met zijn Beschermengel,
Godfried. Zo werd het duidelijker wat er ’s nachts
gebeurde en op wie hij kon vertrouwen. En met wat tips
huppelde hij weer vrolijk de deur uit.
Hij belde mij een maand later dat Godfried weg was. Ik
vroeg wat de reden was dat Godfried weg was gegaan. “O,
hij komt wel weer terug”, zei de jongen, ”hij is vissen
in Afrika!” Ik snapte het niet, tot ik in het nieuws
hoorde: In Afrika was een grote overstroming. En ik
begreep dat Godfried daar hielp om de zielen naar het
Licht te brengen.
Vorig jaar aan het begin van de zomer kwam een man bij
me. Hij was uitbehandeld zei hij. De vorm van darmkanker
waar hij aan leed was zo agressief dat daar niets aan te
doen was. Hij vroeg of ik hem een soort
stervensbegeleiding wilde geven. Ik vertelde hem dat hij
geen wonderen van mij kon verwachten, maar hij stond
open voor alles wat ik hem kon aanbieden. We deden
visualisaties, zoals ook in “De helende reis” van Brandon Bays beschreven staan. Ik kreeg door hoe ik hem
kon magnetiseren en behandelde hem zo. Hij ging ook naar dr. Valstar en kreeg daar begeleiding op
orthomoleculair gebied.
Na de zomervakantie ging hij voor controle naar het
ziekenhuis. De artsen vroegen verschrikt wat hij gedaan
had. Andere artsen werden erbij gehaald. Ook de
hoofdchirurg van het ziekenhuis. Hij begreep er niets
van. Tenslotte richten de artsen zich tot hem en zeiden
stomverbaasd dat er niets meer te zien was van de kanker
in zijn darmen. Het was in 6 weken verdwenen! Ik dank de
Goddelijke wereld voor dit prachtige teken. Het sterkte
mij in mijn zelfvertrouwen. Maar het geeft geen garantie
dat ik kankercellen kan weghalen. Wat dat betreft zie ik
mezelf alleen als doorgeefluik, als medium.“
Welke voordelen biedt het lidmaatschap van de NVGN
genezers en patiënten?
“Ik denk dat het voor de cliënten vooral duidelijk maakt
dat je serieus met je beroep bezig bent. Het geeft een
veilig gevoel aan cliënten. Bijkomend voordeel is dat
behandelingen (deels) vergoed kunnen worden. Voor
mijzelf is het een vertrouwde basis waaruit ik werk. Een
klankbord.
Het geeft ook duidelijkheid in wat er van me verwacht
wordt.
Het Normdocument vind ik een aanwinst.”
Een genezer is ook maar een mens,
waarin vindt u naast
uw werk ontspanning?
“Ik hou ervan om me creatief te uiten. Daar kan ik mijn
gevoelens en gedachten helemaal in kwijt. Er zijn
periodes dat ik schilder en gedichten schrijf. Sinds
januari ben ik aan het beeldhouwen in speksteen. Deze
zomer heb ik 4 beeldjes thuis gemaakt. En één keer in de
week ga ik naar een atelier. Dat maakt mijn hoofd leeg
en geeft weer andere gesprekken.
Verder loop ik één keer in de week met een groep in de Kennemer Duinen: Nordic
Walking.
Heerlijk door weer en wind
de natuur in. Dat geeft ook veel energie.”
Wat betekent de praktijkvoering voor uw partner of
kinderen?
“Ik probeer het zo te plannen dat ze er weinig last van
hebben. Het enige waar ze problemen mee hebben is als ik
zondag weg ga. Bijvoorbeeld naar de Genezerbijeenkomst
of een bijscholing of congres. Zondag is familiedag. Met
twee grote jongens die hun eigen weg gaan is de zondag
een rustpuntje in de hectische week. Dan kan ik het heel
moeilijk verkopen dat ik er niet ben.
Ik denk dat door mijn Praktijk en de gesprekken die we
soms hebben naar aanleiding van een gebeurtenis, mijn
gezin anders aankijkt tegen de onzichtbare wereld. Voor
mijn man ging er ook een wereld open. Onze kinderen zijn
opgegroeid met aan bomen en stenen voelen, met een opa
die voor het raam zweeft, met Bach-bloesem remedies en
dat doet ze goed. Ze groeien niet op in de onwetendheid
die ik ervaren heb en zo hebben ze al een voorsprong. Ze
vertellen het ook aan vrienden en ook die geven het weer
door. De kringen worden steeds groter. Dat is het mooie
van mijn Praktijk: er ontstaat een energiestroom die
steeds groter wordt.”
Heeft u tips voor patiënten?
“Van mijn Beschermengel kreeg ik jaren geleden de tip om
een ruimte te reinigen. Hij adviseerde mij een glas
water met een waxinelichtje voor het raam te zetten. Die
tip geef ik wel eens door en dat heeft verrassende
effecten. Vaak bubbelt het water de volgende morgen als Spa-rood. Bij een meisje dat veel last had van angst,
was het glas met ijs beslagen. Kinderen hebben me
verteld dat het water de volgende dag giftig is, dus dan
gooi je het leeg. Eén kind wilde het graag uitproberen
en kreeg enorme buikkramp…...
Wilt u nog iets persoonlijks zeggen?
“Mensen zijn zeer goed geïnformeerd. Zelfs tachtig-plussers surfen over het internet. Het verbaast
me dat ze zo weinig weten over de dood. Het geeft veel
angst. Zelfs zielen die al los van het lichaam zijn
komen bij me met vragen, omdat ze niet dóór durven te
gaan. Er is ook over dit onderwerp genoeg te lezen.
Bijvoorbeeld: Inwijding van Elisabeth Haigh, boeken van Henri de Vidal de St. Garmain, Het Tibetaanse boek van
leven en sterven van Sogyal Rinpoche enz. Het is een
onderwerp dat me al mijn hele leven bezighoud, doordat
ik als 7- jarige een bijna-dood-ervaring had.
Ik ben blij dat het zweverige en geheimzinnige van de
Paranormale geneeswijzen opgelost wordt. Door
organisatie en publicaties wordt het steeds duidelijker
waar we voor staan als magnetiseur. Openheid en
eerlijkheid in wat we doen, kunnen en kennen is de
basis. Ik hoop dat daardoor ook de manier waarop we naar
elkaar als therapeuten kijken verandert. Ik denk dat
deze interviews daar ook aan bijdragen.”
